Grondstof voor energieproductie

1. Wat is KOH?

Korteomloophout (KOH) is een landbouwteelt van snelgroeiende houtachtige gewassen waarbij de bovengrondse biomassa periodiek tot maximaal 8 jaar na de aanplanting of na de vorige oogst, in zijn totaliteit wordt geoogst. In de praktijk wordt gemiddeld om de drie jaar geoogst. Na de oogst lopen de planten vanzelf weer uit.
 

 

2 Waarom KOH?

2.1. Hout als hernieuwbare en CO2-neutrale brandstof

We zullen in de komende jaren grote inspanningen moeten leveren om de gevolgen van de klimaatverandering binnen de perken te houden. Het komt er hoofdzakelijk op neer dat we fossiele brandstoffen moeten vervangen door CO2-neutrale energiebronnen, hierin kan houtige biomassa afkomstig van korteomloophout (KOH) een rol spelen.
Hout is een bron van energie die niet bijdraagt tot het broeikaseffect. Men spreekt van een CO2 neutrale brandstof omdat de CO2 die wordt uitgestoten door het verbranden van hout is gelijk aan de hoeveelheid CO2 die wordt geabsorbeerd door de boom tijdens zijn groei. Dit gebeurt ook in het proces waarbij organisch materiaal omgezet wordt naar fossiele brandstoffen. Alleen duurt het daar miljoenen jaren vooraleer de vrijgekomen CO2 weer is vastgelegd tegenover slechts enkele tientallen jaren bij houtige brandstoffen.


Door het steeds schaarser worden van fossiele brandstoffen, de grotere risico’s verbonden aan de ontginning van minder toegankelijke bronnen en de toenemende vraag naar energie van nieuw ontwikkelende economieën zal de prijs van fossiele brandstoffen in de toekomst verder stijgen. Daarom zullen we op zoek moeten gaan naar alternatieve en goedkopere energiebronnen.

2.2 Houtsnippers afkomstig van KOH als economisch interessante brandstof


Eén hectare KOH kan op jaarbas een equivalent aan stookwaarde van ca. 5000 liter stookolie of ca. 50000 kWh produceren Steeds meer tuinbouw- en sierteeltbedrijven schakelen over op de verbranding van biomassa voor
het verwarmen van hun serres. De voornaamste stimulans hiervoor is de stijgende prijs van fossiele
brandstoffen. Uit onderstaande grafiek blijkt dat stoken op houtsnippers op dit moment minstens de helft goedkoper is dan wanneer men aangewezen is op fossiele brandstoffen.

 

3. Potenties voor Vlaanderen

Volgens het Vlaams Energieagentschap (VEA) zal biomassabij de invulling van de nationale doelstelling om tegen 2020 13% van de totale energieconsumptie uit groene energie te halen een belangrijke rol spelen met een te realiseren aandeel van naar schatting 70% in de totale hernieuwbare energieproductie. Ter vergelijking: windenergie, ondergrondse technieken en warmtepompen en zonne-energie zullen vermoedelijk voor respectievelijk 15%, 10% en 5% instaan.
 

Houtige biomassa uit de productie van korteomloophoutteelt kan hieraan een belangrijke bijdrage leveren.
In de ons omringende landen vond deze houtige meerjarige teelt reeds ingang. KOH-teelt in Vlaanderen is nog beperkt, maar de belangstelling is groot. In Vlaamse context ligt het  grootste potentieel bij landbouwbedrijven met een middelgrote energievraag, zoals intensieve veehouderij (pluimvee en varkens) en koude serreteelten. De teelt van KOH voor eigen gebruik in kleinschalige stookinstallaties (< 300 kW) blijkt voorlopig het interessantste scenario. Uit berekeningen blijkt dat door het uitsparen van  stookoliekosten jaarlijks netto-opbrengsten van meer dan 3.000 €/ha mogelijk zijn bij een productie van 10 ton houtsnippers (DS)/ha/jaar. Er wordt algemeen aangenomen dat producties van 12 ton DS/ha/jaar worden gehaald, terwijl we dit op onze proefpercelen gemakkelijk overschrijden: tot 16 ton DS/ha/jaar. Ten slotte pleiten ook het arbeidsextensieve karakter en de mogelijkheid op toeslagrechten (sinds 2010) in het voordeel van deze teelt. Bovendien scoort deze teelt qua energie-efficiëntie een pak beter dan andere biobrandstoffen , zoals de vloeibare biofuels uit koolzaad of suikerbiet, waar heel wat meer energieverslindende tussenstappen nodig zijn vooraleer het eindproduct bekomen wordt.
Recente berekeningen tonen dat de aanplant van KOH voor de verkoop van houtsnippers op de biomassamarkt echter nog niet rendabel is. Maar de verwachtingen voor de toekomst zijn wel hoog.  Voor stookketels op grote glastuinbouwbedrijven met vermogens > 1 MW blijft afvalhout een goedkopere optie.  Naast de teelt van korteomloophout op op landbouwgrond voor het bevoorraden van kleinschalige verwarmingsprojecten, kan ook nagedacht worden over het inpassen van korteomloophout op momenteel niet gevaloriseerde gronden of onder de vorm van ‘redabel groen’.
Grond is een schaars goed in Vlaanderen, en op elke vierkante meter liggen meestal meerdere claims. Desalniettemin is het mogelijk een inschatting te maken van de landgebruiksvormen in Vlaanderen die voor KOH vandaag of in de nabije toekomst in aanmerking zouden kunnen komen. Dat leverde de volgende resultaten op:

  • Braakliggende terreinen in het landbouwareaal
  • Bufferstroken langs industriële sites
  • Diversificatie van teelten in het landbouwareaal
  • Vervuilde gronden in het buitengebied (industriële verontreinigingen en baggerslibstorten)
  • Gronden voor waterzuivering
  • (Spoor)wegbermen en bermen van waterlopen

Precieze cijfers plakken op deze oppervlaktes is onmogelijk maar we nemen aan dat we voor de grootteorde van tienduizenden hectares kunnen spreken.