Standplaats, groeiomstandigheden en groeiwijze
Miscanthus wordt in het voorjaar geplant en
heeft een productieve levensduur van 15-20 jaar.
De plant vormt rhizomen die elk jaar in maart/april nieuwe stengels
produceren. Het eerste jaar bereiken de stengels tegen het einde
van augustus een hoogte van 1-2 meter. Door de lagere temperaturen
in de herfst vallen de bladeren af en worden de reserves van de
plant opgeslagen in de rhizomen. In februari blijft enkel het
opgedroogde bladloze riet over. De afgevallen bladeren composteren
waardoor de vrijkomende voedingsstoffen door de nieuwe planten
gebruikt worden. Het bladerdek onderdrukt de onkruidgroei in het
voorjaar.
Het eerste jaar is de opbrengst beperkt en daarom wordt meestal
niet geoogst. Vanaf het tweede jaar kan het gewas jaarlijks worden
geoogst; de plant bereikt dan een hoogte van 3-3,5 m. Pas na
ongeveer vijf jaar (afhankelijk van de groeiomstandigheden) wordt
de opbrengst stabiel, omdat de plant tot dan veel energie gebruikt
voor de ontwikkeling van zijn wortelstelsel.
Miscanthus heeft weinig bodemvereisten en kan dus
aangeplant worden op onderbenutte terreinen. Het gewas groeit
echter wel het best in een goed doorlaatbare, humusrijke leembodem
met een goede waterhuishouding die snel opwarmt in
het voorjaar zodat een lang groeiseizoen bereikt kan worden.
Tijdens het groeiseizoen vereist de plant een neerslaghoeveelheid
van 700-900 mm wat in België dus geen probleem vormt. Om een hoge
en uniforme opbrengst te verkrijgen, is de waterbeschikbaarheid
voor de keuze van het veld van groot belang. Miscanthus is
gevoelig voor verdichte bodems en
bodems met stagnerend water. Doordat in de winter
geoogst wordt, zijn velden die gevoelig zijn voor wateroverlast
niet geschikt voor de teelt. Het veld kan dan niet door de
oogstmachines bereden worden en gebruik van zware machines bij
natte omstandigheden kan bodemcompactie veroorzaken waardoor de
wortelgroei verhinderd wordt. De optimale pH bedraagt
5.5-7.5; indien nodig kan het eerste jaar magnesium of
calcium aan de bodem toegevoegd worden.
Het komt erop neer dat een goed maïsveld ook een goed
miscanthusveld is; de waterbeschikbaarheid is wel
belangrijker door de lange duur van de teelt (meerjarig).
Het eerste jaar zijn de rhizomen heel gevoelig voor vorstschade;
bij een bodemtemperatuur < 3,5 °C sterven de rhizomen af. Na het
eerste jaar zorgen de afgevallen bladeren voor een hogere
bodemtemperatuur tijdens de winter. Het gras groeit vanaf een
bodemtemperatuur van 8,5 °C.

















