Nieuwsoverzicht

< terug naar overzicht

Oogstdemonstratie - Gescheiden inzameling van maïsstro en -kolf

Op de maïsoogstdemo van woensdag 15 oktober werd een aangepaste hakselaar voorgesteld die in staat is om maïsstro en -kolf afzonderlijk in te zamelen. Beide producten worden vervolgens afzonderlijk gevaloriseerd. Deze innovatie werd gerealiseerd door twee Vlaamse pioniers en werd vorig jaar ingezet op een 40-tal ha, wat ze dit jaar nog willen uitbreiden.

De vraag naar de afzet van biomassa als groene grondstof voor energie en materialen stijgt. Korrelmaïsstro is hierin een heel interessante bron omdat het tot op heden nog niet wordt geoogst. Bovendien is het beschikbare aandeel in Vlaanderen relatief groot (ruim 450 000 ton droge stof). Ook bekeken per ha is het biomassapotentieel van korrelmaïsresten aanzienlijk en kan 8 à 10 ton DS per ha bedragen. Verschillende sectoren tonen alvast interesse in de verdere valorisatie van deze residustroom. Mogelijke pistes voor de afzet zijn: vergisting, absorptiemateriaal, ethanolproductie, verbranding en bouwmateriaal.

In bepaalde regio’s in het buitenland wordt het stro of andere fracties van maïs reeds verzameld. Het knelpunt is dat de oogst in Vlaanderen andere randvoorwaarden heeft dan de oogst in deze drogere regio’s (bv. VS). In onze streken dient rekening worden gehouden met een minimum aantal werkgangen, omwille van nattere oogstperiodes in het najaar. Dit is van belang omstructuurschade van de bodem te vermijden. Verder moet er op gelet worden dat er zo weinig mogelijk zand wordt mee verzameld. De vervuiling met grond is namelijk nefast voor verdere valorisatie (bv. vergisting, voeder,…). In Vlaanderen zijn er echter nog geen machines commercieel voorhanden om gescheiden inzameling van maïsstro en -korrel uit te voeren. Momenteel komen de initiatieven van pioniers die zelf het heft in handen nemen om machines om te bouwen.

Jos Renders is zo’n pionier en heeft in samenwerking met de machinedealer Kenis in Turnhout een hakselaar omgebouwd. De machine is in staat om in één werkgang maïsstro en –kolf gescheiden te oogsten. Door twee maaiborden boven elkaar te monteren, kan de werking van een hakselaar en kolvenplukker gecombineerd worden. Het bovenste maaibord is een kolvenplukker, die de kolf in zijn geheel via een afvoerband naar de tank achteraan de machine voert. Het onderste maaibord is dat van een hakselaar. De stengel wordt bij de grond afgesneden. Vervolgens wordt deze in de machine getrokken, gehakseld en via de spuitmond zijwaarts in een kipkar, die er naast rijdt, geblazen. Het voordeel van deze gescheiden opvang is de dubbele valorisatie van de teelt komende van hetzelfde perceel. De maïskolven worden vermalen in een hamermolen totmaïskolfschroot en ingekuild. Vooral rundveebedrijven zijn hiervoor potentiële afnemers. De gehakselde maïsplant is bestemd voor de vergistingsinstallatie van Jos Renders zelf, Agri-Power in Malle. Op het veld blijft alleen de stoppel achter.

Ongeveer 40 à 50 mensen kwamen op deze zonnige dag een kijkje nemen naar het vernuftig systeem. Na een korte uitleg over de reeds behaalde resultaten, een marktstudie van de verschillende types machines en de toekomstplannen naar verder onderzoek volgde de oogstdemo zelf. Door een klein technisch probleem kon de machine niet onmiddellijk starten, maar machinedealer Kenis kon dit gelukkig verhelpen. Wat de nauwe samenwerking van het loonwerkbedrijf en de uitbater nog maar eens benadrukte.

Het onderzoek hierrond is zeker nog niet ten einde en biedt nog heel wat potentieel. Inagro is daarom vastberaden om verder te gaan in het verzamelen en verwerken van maïsresidu’s. De doelstelling is het indienen van een nieuw project om dit concept verder te onderzoeken. Mocht je interesse hebben, laat zeker iets weten, want alle input is welkom! (bram.vervisch@inagro.be; 051 27 33 96)

Auteur: Bram Vervisch

De oogstdemonstratie kaderde binnen het ARBOR-project ‘Accelerating Renewable Energies through valorisation of Biogenic Organic Raw material’. Met steun van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling via INTERREG IVB, het Vlaams Energieagentschap (VEA), Agentschap Ondernemen en de provincies West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant.

< terug naar overzicht